Van een kampioen
KUSTVISTIPS

In oktober van dit jaar kroonde Pieter van de Zande (20) zich tot Nederlands kampioen Kustvissen in de categorie tot 21 jaar. Deze knappe prestatie zette de bloedfanatieke kustvisser in één klap in de spotlights. Op het strand bij Domburg laat het aanstormende Zeeuwse talent zien hoe hij te werk gaat bij de strandvisserij op platvis en wijting.

TEKST: BARD BORGER > FOTOGRAFIE: SANDER BOER

FINESSE TIPS

Om verre worpen mogelijk te maken en knopen te voorkomen zorgt Pieter ervoor dat alles aan zijn montage vrij kan schuiven en draaien. Het werpgewicht en de haaklijntjes zitten via tonwarteltjes aan de onderlijn bevestigd, de warteltjes van de haaklijntjes zet hij vast tussen twee kleine bolletjes lijm. Om razendsnel van onderlijn te kunnen wisselen gebruikt Pieter een speciale connector en noteert hij op de klosjes van zijn onderlijnen altijd de haakgrootte plus lengte en dikte van de lijn.

Het opbinden
van je aas met bind-elastiek maakt verre worpen mogelijk en beschermt tegen ‘plukkende’ vis.

PIETER’S SET-UP VOOR PLATVIS EN WIJTING

Voor het kustvissen op afstand gebruikt Pieter meestal een driedelige hengel van 4,50 meter met een werpgewicht van 150-175 gram. Op de molen in het 14000 formaat zit 25/00 nylon gespoeld. Aan de hoofdlijn knoopt hij een tapse voorslag (die loopt van 25/00 naar 50/00) van ruim tweemaal de hengellengte. Via een connector komt daar de 50/00 onderlijn van amnesia aan te zitten, die ruim een meter lang is. De nylon haaklijntjes zijn 30/00 dik in verband met de scherpe tandjes van de wijting. Als haakmaat kiest Pieter voor 4, 6 of hooguit 8 (kleiner mag bij wedstrijden niet). De keuze van het werpgewicht hangt vooral af van de afstand waarop wordt gevist, de wind en stroming. Tijdens deze reportage koos Pieter voor 170 gram.

‘woon je wat verder van de kust? Dan is mijn advies
om je stekken en tijden slim te kiezen voor zoveel mogelijk rendement’

DRUKKE AGENDA
Tijdgebrek voor het steken van pieren is één ding, maar hoe vindt Pieter verder voldoende tijd voor zijn hobby? “Dat is soms wel een uitdaging, ja”, geeft hij direct toe. “Elke week ben ik één dag kwijt aan mijn opleiding scheepselektrotechniek en ik werk vier dagen – vaak op schepen in de haven van Vlissingen, soms ook verder weg. Vorige week zat ik nog drie dagen op rij in Leipzig. Omdat ik in de buurt van de kust woon en een eigen auto heb, kan ik gelukkig wel bijna elk weekend gaan vissen. Vaak doe ik dat samen met mijn broertje. Die is haast net zo fanatiek als ik en heeft ook al eens aan een NK meegedaan. Woon je verder van de kust, dan is mijn advies om je stekken en tijden slim te kiezen. Check bijvoorbeeld online de vangstberichten en je krijgt een vrij goed beeld van hoe de vangsten aan de kust zijn. In de regel zijn opkomend en afgaand tij meestal ook de beste uren om met je hengels aan zee te staan.”

‘PLATEN DRAAIEN’
Pieter heeft alweer een aanbeet gezien, dus pakt hij zijn hengel uit de steun en draait daarna rustig binnen. Hoewel, rustig? Deze sessie boog zijn top nog niet eerder zover door en hing de jonge Zeeuw zo stevig in zijn hengel. Even is er zelfs lichte twijfel: is het ankergewicht in de zandbank vast komen te zitten? “Nee hoor, dit voelt als vis”, verklaart Pieter resoluut. “Het zouden weleens een paar platvissen kunnen zijn; die geven meestal flink wat weerstand. ‘Platen draaien’ noemen we dat in kustvissersjargon.” De bevestiging volgt in de vorm van twee forse botten, waardoor Pieters glimlach op slag in een brede grijns verandert. “Kijk, dit zijn het soort vangsten die een wedstrijd kunnen beslissen”, klinkt het tevreden. Na een paar snelle foto’s geeft Pieter de vissen hun vrijheid ­terug.

NAAR HET WK

“Oh ja, ik heb ook nog een leuk nieuwtje”, klinkt het nonchalant tegen het einde van de sessie. “De bondscoach belde me gisteren op en vroeg of ik volgend jaar in oktober mee wil naar het WK in Italië.” Dat hij hier direct volmondig ‘ja’ op antwoordde behoeft geen verdere uitleg. Als hij de felicitaties van de redacteur en fotograaf in ontvangst neemt, straalt Pieter opnieuw van oor tot oor. “Ja, dat wordt echt een unieke ervaring. De vangsten en visserij daar zijn totaal anders vergeleken met wat we in Nederland gewend zijn. Spannend vind ik het niet zozeer, ik heb er vooral heel veel zin in. Ik kan en wil namelijk nog zoveel leren. Zo’n kampioenschap – met allemaal kustvissers van het hoogste niveau – is daarvoor echt een uitgelezen kans. Het idee om een castingcursus te gaan volgen en zo mijn werptechniek te verbeteren speelde al langer, daar ga ik dus binnenkort maar eens werk van maken.”

Haak je
meerdere platvissen tegelijk, dan zorgt dit voor de nodige weerstand

EVEN GEDULD A.U.B.
“Zag je dat?”, onderbreekt Pieter zichzelf terwijl zijn blik op de hengeltop gericht blijft. Ondanks dat hij een aanbeet heeft gezien, laat hij zijn hengel nog zeker een minuut met rust. Dit geduld heeft een tactische reden. “Eén vis vangen is leuk, maar twee of drie is nóg leuker. Als je na een eerste aanbeet even wacht, is de kans vaak groot dat je meer vissen haakt. Tijdens wedstrijden pas ik dit trucje ook vaak toe. Dan mag je namelijk maar met één hengel vissen. Dus hoe meer vissen je per ‘draai’ vangt, hoe efficiënter je met je vistijd omgaat. Ik kan me voorstellen dat het allemaal vrij berekenend klinkt, maar juist dit soort slimmigheden maken op het hoogste niveau het verschil.” 

VOORZICHTIGE START
Dat dit trucje vandaag niet werkt, blijkt als Pieter even later een lege lijn binnendraait. Nadere inspectie leert dat één van de pieren ietsje is aangevreten. “Het is bijna laagwater, dus de vis aast nu waarschijnlijk nog heel voorzichtig. Zodra het tij straks weer opkomt – en het harder stroomt – krijgen we ongetwijfeld meer actie en overtuigende aanbeten.” Niet veel later krijgt Pieter gelijk. Dit keer wacht hij na de aanbeet minder lang: vandaag gaat het niet om punten, maar om foto’s met vis. “Een leuk begin, maar dit moet beter kunnen”, klinkt het ambitieus terwijl de fotograaf hem even later vastlegt met een jonge wijting. “Afgelopen zaterdag is hier bij een wedstrijd van mijn vereniging nog ontzettend goed gevangen. Dus er moet meer mogelijk zijn.”

TAPPEN VOOR GEUR
Voor het beazen van een nieuwe onderlijn rommelt Pieter in een stapeltje kranten. “Kijk, dit is een Franse tap – een soort taaie variant van een zeepier die heel sterk geurt”, legt hij uit terwijl hij een lange zwarte sliert uit het papier haalt. Met zijn nagels knijpt hij een stukje van zo’n drie centimeter van de worm af, waarna hij dit op de aasnaald rijgt. Daarna volgt een oer-Hollandse zeepier om de hap compleet te maken. “Bij wedstrijden vis ik alleen met kakelverse pieren en zagers. Die steek ik zelf, maar daarvoor had ik nu te weinig tijd. Deze pieren komen dus uit de hengelsportzaak. In de zomer varieer ik veel meer qua aas, bijvoorbeeld met allerlei soorten zagers. Maar voor platvis en wijting is dat niet nodig.” Pieter verwisselt zijn werpgewicht voor een exemplaar met ankers. “Dat ligt beter vast op de bodem, zodat vooral platvis dan meer tijd heeft om het aas te pakken.”

Alle onderdelen
van de onderlijnmontage kunnen vrij schuiven en draaien – dit maakt verre worpen mogelijk en voorkomt knopen

 “Wat een wind hè? Maar wees gerust, hij staat precies goed”, meldt Pieter opgewekt op de parkeerplaats terwijl hij zijn ogen iets dichtknijpt tegen de felle zon. De grijns van de jonge Zeeuw verraadt dat hij er zin in heeft. Vlot haalt hij uit de achterbak van zijn auto een grote blauwe foedraal en twee tassen tevoorschijn. Bepakt en bezakt stapt hij even later over het vrijwel verlaten strand, turend naar het water om te bepalen waar hij zijn stek zal kiezen. Midden tussen twee golfbrekers houdt hij halt. “Zie je hoe de golven daar breken?”, wijst hij naar de schuimkoppen een meter of dertig verderop. “Daar ligt een ondiepe zandbank waar ik nét overheen wil vissen. Vanaf hier is dat prima aan te werpen.”

STREKKEN & NATMAKEN
Kalm, maar gedecideerd maakt Pieter zijn spullen in orde. De twee hengelsteunen staan in no time in het zand, zijn hengel en montage (zie kader op pag. 33) zijn binnen een paar minuten gereed. Door naar het beazen van de haken, zou je denken. Maar in plaats daarvan werpt Pieter eerst alleen een werpgewicht op zijn stek – waarna hij dit meteen weer binnendraait. “Aan het begin van een sessie moet de lijn altijd even helemaal strekken en nat worden gemaakt. Dit helpt om pruiken en lijnbreuk te voorkomen”, licht hij de handeling toe. Met behulp van een aasnaald rijgt Pieter op elke haak een zeepier, die hij vervolgens met bindelastiek vastzet. Met een soepele worp belandt de montage precies op de aangewezen plek, waarna de hengel in de steun gaat en Pieter de lijn strak draait.

NEDERLANDS KAMPIOEN
De routine waarmee de jonge Zeeuw alles doet, wijst op meer dan een puur recreatieve hobby. Pieter vist dan ook al jaren fanatiek in competitieverband. Naast de clubwedstrijden van ‘zijn’ hengelsportvereniging Reimerswaal, deed de geboren Krabbendijker al twee keer mee aan het Nederlands Kampioenschap Kustvissen voor jeugd in de categorie tot 21 jaar (U21). In 2024 werd hij nog teleurstellend tiende, maar dit jaar revancheerde hij zich – al erkent Pieter dat de eerste plaats hem ook verraste. “De vier wedstrijden van dit individuele NK heb ik vrij wisselend gevist, dus mijn inschatting was dat ik vierde of vijfde zou worden. De eindsprint in de laatste twee wedstrijden die me de titel opleverde, dank ik naar mijn idee aan het goed blijven observeren en inspelen op de omstandigheden. Daar ben ik heel gedreven in. Als een bepaalde aanpak niet lijkt te werken, probeer ik altijd meteen iets nieuws.”

de eerste worp maakt pieter met alleen het  werpgewicht aan de lijn, zodat deze zich strekt en nat wordt – dat voorkomt lijnbreuk en pruiken

TEKST: BARD BORGER > FOTOGRAFIE: SANDER BOER

van een kampioen
KUstvistips

In oktober van dit jaar kroonde Pieter van de Zande (20) zich tot Nederlands kampioen Kustvissen in de categorie tot 21 jaar. Deze knappe prestatie zette de bloedfanatieke kustvisser in één klap in de spotlights. Op het strand bij Domburg laat het aanstormende Zeeuwse talent zien hoe hij te werk gaat bij de strandvisserij op platvis en wijting.

Het opbinden
van je aas met bind-elastiek maakt verre worpen mogelijk en beschermt tegen ‘plukkende’ vis.

PIETER’S SET-UP VOOR PLATVIS EN WIJTING

Voor het kustvissen op afstand gebruikt Pieter meestal een driedelige hengel van 4,50 meter met een werpgewicht van 150-175 gram. Op de molen in het 14000 formaat zit 25/00 nylon gespoeld. Aan de hoofdlijn knoopt hij een tapse voorslag (die loopt van 25/00 naar 50/00) van ruim tweemaal de hengellengte. Via een connector komt daar de 50/00 onderlijn van amnesia aan te zitten, die ruim een meter lang is. De nylon haaklijntjes zijn 30/00 dik in verband met de scherpe tandjes van de wijting. Als haakmaat kiest Pieter voor 4, 6 of hooguit 8 (kleiner mag bij wedstrijden niet). De keuze van het werpgewicht hangt vooral af van de afstand waarop wordt gevist, de wind en stroming. Tijdens deze reportage koos Pieter voor 170 gram.

‘woon je wat verder van de kust? Dan is mijn advies
om je stekken en tijden slim te kiezen voor zoveel mogelijk rendement’

‘PLATEN DRAAIEN’
Pieter heeft alweer een aanbeet gezien, dus pakt hij zijn hengel uit de steun en draait daarna rustig binnen. Hoewel, rustig? Deze sessie boog zijn top nog niet eerder zover door en hing de jonge Zeeuw zo stevig in zijn hengel. Even is er zelfs lichte twijfel: is het ankergewicht in de zandbank vast komen te zitten? “Nee hoor, dit voelt als vis”, verklaart Pieter resoluut. “Het zouden weleens een paar platvissen kunnen zijn; die geven meestal flink wat weerstand. ‘Platen draaien’ noemen we dat in kustvissersjargon.” De bevestiging volgt in de vorm van twee forse botten, waardoor Pieters glimlach op slag in een brede grijns verandert. “Kijk, dit zijn het soort vangsten die een wedstrijd kunnen beslissen”, klinkt het tevreden. Na een paar snelle foto’s geeft Pieter de vissen hun vrijheid ­terug.

NAAR HET WK

“Oh ja, ik heb ook nog een leuk nieuwtje”, klinkt het nonchalant tegen het einde van de sessie. “De bondscoach belde me gisteren op en vroeg of ik volgend jaar in oktober mee wil naar het WK in Italië.” Dat hij hier direct volmondig ‘ja’ op antwoordde behoeft geen verdere uitleg. Als hij de felicitaties van de redacteur en fotograaf in ontvangst neemt, straalt Pieter opnieuw van oor tot oor. “Ja, dat wordt echt een unieke ervaring. De vangsten en visserij daar zijn totaal anders vergeleken met wat we in Nederland gewend zijn. Spannend vind ik het niet zozeer, ik heb er vooral heel veel zin in. Ik kan en wil namelijk nog zoveel leren. Zo’n kampioenschap – met allemaal kustvissers van het hoogste niveau – is daarvoor echt een uitgelezen kans. Het idee om een castingcursus te gaan volgen en zo mijn werptechniek te verbeteren speelde al langer, daar ga ik dus binnenkort maar eens werk van maken.”

DRUKKE AGENDA
Tijdgebrek voor het steken van pieren is één ding, maar hoe vindt Pieter verder voldoende tijd voor zijn hobby? “Dat is soms wel een uitdaging, ja”, geeft hij direct toe. “Elke week ben ik één dag kwijt aan mijn opleiding scheepselektrotechniek en ik werk vier dagen – vaak op schepen in de haven van Vlissingen, soms ook verder weg. Vorige week zat ik nog drie dagen op rij in Leipzig. Omdat ik in de buurt van de kust woon en een eigen auto heb, kan ik gelukkig wel bijna elk weekend gaan vissen. Vaak doe ik dat samen met mijn broertje. Die is haast net zo fanatiek als ik en heeft ook al eens aan een NK meegedaan. Woon je verder van de kust, dan is mijn advies om je stekken en tijden slim te kiezen. Check bijvoorbeeld online de vangstberichten en je krijgt een vrij goed beeld van hoe de vangsten aan de kust zijn. In de regel zijn opkomend en afgaand tij meestal ook de beste uren om met je hengels aan zee te staan.”

Haak je
meerdere platvissen tegelijk, dan zorgt dit voor de nodige weerstand

EVEN GEDULD A.U.B.
“Zag je dat?”, onderbreekt Pieter zichzelf terwijl zijn blik op de hengeltop gericht blijft. Ondanks dat hij een aanbeet heeft gezien, laat hij zijn hengel nog zeker een minuut met rust. Dit geduld heeft een tactische reden. “Eén vis vangen is leuk, maar twee of drie is nóg leuker. Als je na een eerste aanbeet even wacht, is de kans vaak groot dat je meer vissen haakt. Tijdens wedstrijden pas ik dit trucje ook vaak toe. Dan mag je namelijk maar met één hengel vissen. Dus hoe meer vissen je per ‘draai’ vangt, hoe efficiënter je met je vistijd omgaat. Ik kan me voorstellen dat het allemaal vrij berekenend klinkt, maar juist dit soort slimmigheden maken op het hoogste niveau het verschil.” 

VOORZICHTIGE START
Dat dit trucje vandaag niet werkt, blijkt als Pieter even later een lege lijn binnendraait. Nadere inspectie leert dat één van de pieren ietsje is aangevreten. “Het is bijna laagwater, dus de vis aast nu waarschijnlijk nog heel voorzichtig. Zodra het tij straks weer opkomt – en het harder stroomt – krijgen we ongetwijfeld meer actie en overtuigende aanbeten.” Niet veel later krijgt Pieter gelijk. Dit keer wacht hij na de aanbeet minder lang: vandaag gaat het niet om punten, maar om foto’s met vis. “Een leuk begin, maar dit moet beter kunnen”, klinkt het ambitieus terwijl de fotograaf hem even later vastlegt met een jonge wijting. “Afgelopen zaterdag is hier bij een wedstrijd van mijn vereniging nog ontzettend goed gevangen. Dus er moet meer mogelijk zijn.”

TAPPEN VOOR GEUR
Voor het beazen van een nieuwe onderlijn rommelt Pieter in een stapeltje kranten. “Kijk, dit is een Franse tap – een soort taaie variant van een zeepier die heel sterk geurt”, legt hij uit terwijl hij een lange zwarte sliert uit het papier haalt. Met zijn nagels knijpt hij een stukje van zo’n drie centimeter van de worm af, waarna hij dit op de aasnaald rijgt. Daarna volgt een oer-Hollandse zeepier om de hap compleet te maken. “Bij wedstrijden vis ik alleen met kakelverse pieren en zagers. Die steek ik zelf, maar daarvoor had ik nu te weinig tijd. Deze pieren komen dus uit de hengelsportzaak. In de zomer varieer ik veel meer qua aas, bijvoorbeeld met allerlei soorten zagers. Maar voor platvis en wijting is dat niet nodig.” Pieter verwisselt zijn werpgewicht voor een exemplaar met ankers. “Dat ligt beter vast op de bodem, zodat vooral platvis dan meer tijd heeft om het aas te pakken.”

FINESSE TIPS

Om verre worpen mogelijk te maken en knopen te voorkomen zorgt Pieter ervoor dat alles aan zijn montage vrij kan schuiven en draaien. Het werpgewicht en de haaklijntjes zitten via tonwarteltjes aan de onderlijn bevestigd, de warteltjes van de haaklijntjes zet hij vast tussen twee kleine bolletjes lijm. Om razendsnel van onderlijn te kunnen wisselen gebruikt Pieter een speciale connector en noteert hij op de klosjes van zijn onderlijnen altijd de haakgrootte plus lengte en dikte van de lijn.

de eerste worp maakt pieter met alleen het  werpgewicht aan de lijn, zodat deze zich strekt en nat wordt – dat voorkomt lijnbreuk en pruiken

STREKKEN & NATMAKEN
Kalm, maar gedecideerd maakt Pieter zijn spullen in orde. De twee hengelsteunen staan in no time in het zand, zijn hengel en montage (zie kader op pag. 33) zijn binnen een paar minuten gereed. Door naar het beazen van de haken, zou je denken. Maar in plaats daarvan werpt Pieter eerst alleen een werpgewicht op zijn stek – waarna hij dit meteen weer binnendraait. “Aan het begin van een sessie moet de lijn altijd even helemaal strekken en nat worden gemaakt. Dit helpt om pruiken en lijnbreuk te voorkomen”, licht hij de handeling toe. Met behulp van een aasnaald rijgt Pieter op elke haak een zeepier, die hij vervolgens met bindelastiek vastzet. Met een soepele worp belandt de montage precies op de aangewezen plek, waarna de hengel in de steun gaat en Pieter de lijn strak draait.

NEDERLANDS KAMPIOEN
De routine waarmee de jonge Zeeuw alles doet, wijst op meer dan een puur recreatieve hobby. Pieter vist dan ook al jaren fanatiek in competitieverband. Naast de clubwedstrijden van ‘zijn’ hengelsportvereniging Reimerswaal, deed de geboren Krabbendijker al twee keer mee aan het Nederlands Kampioenschap Kustvissen voor jeugd in de categorie tot 21 jaar (U21). In 2024 werd hij nog teleurstellend tiende, maar dit jaar revancheerde hij zich – al erkent Pieter dat de eerste plaats hem ook verraste. “De vier wedstrijden van dit individuele NK heb ik vrij wisselend gevist, dus mijn inschatting was dat ik vierde of vijfde zou worden. De eindsprint in de laatste twee wedstrijden die me de titel opleverde, dank ik naar mijn idee aan het goed blijven observeren en inspelen op de omstandigheden. Daar ben ik heel gedreven in. Als een bepaalde aanpak niet lijkt te werken, probeer ik altijd meteen iets nieuws.”

Alle onderdelen
van de onderlijnmontage kunnen vrij schuiven en draaien – dit maakt verre worpen mogelijk en voorkomt knopen

 “Wat een wind hè? Maar wees gerust, hij staat precies goed”, meldt Pieter opgewekt op de parkeerplaats terwijl hij zijn ogen iets dichtknijpt tegen de felle zon. De grijns van de jonge Zeeuw verraadt dat hij er zin in heeft. Vlot haalt hij uit de achterbak van zijn auto een grote blauwe foedraal en twee tassen tevoorschijn. Bepakt en bezakt stapt hij even later over het vrijwel verlaten strand, turend naar het water om te bepalen waar hij zijn stek zal kiezen. Midden tussen twee golfbrekers houdt hij halt. “Zie je hoe de golven daar breken?”, wijst hij naar de schuimkoppen een meter of dertig verderop. “Daar ligt een ondiepe zandbank waar ik nét overheen wil vissen. Vanaf hier is dat prima aan te werpen.”

Sportvisserij Nederland

Hét VISblad online magazine
Volledig scherm