In februari 2018 ontsnapt Gerrit Verschoor (62) ternauwernood aan de dood. De Culemborger valt uit zijn boot, maar wordt op het nippertje gered uit het koude water van de Lek. Ondanks dat deze les zijn leven verandert, belandt hij drie jaar later op dezelfde rivier opnieuw in levensgevaar. “Ik heb heel veel geluk gehad. Door mijn verhaal te delen wil ik voorkomen dat iemand anders hetzelfde overkomt – met wellicht een andere afloop.”
TEKST: MARK PIJNAPPELS > FOTOGRAFIE: SANDER BOER,
REIN RIJKE & GERRIT VERSCHOOR
‘ZOIETS
OVERKOMT
MIJ NIET’
BIJNA VERDRONKEN…
‘Denken dat je het allemaal wel weet en onkwetsbaar bent is de grootste fout die je kunt maken’
De Lek is het ‘thuiswater’ van Gerrit Verschoor
Verschoor wordt aan boord gehesen, zijn eigen boot is inmiddels stilgevallen in een zijkom bij het stuwcomplex van Hagestein. “Erik, mijn redder in nood, zorgde vervolgens dat we veilig aankwamen in de haven van Culemborg. Daarna ben ik in mijn natte kleren naar huis gereden. Mijn vrouw was geschrokken en – volkomen terecht – ook woest.” Twee weken later bedankt Verschoor zijn redder door hem op te zoeken. “Toen hoorde ik hoeveel geluk ik heb gehad. Erik woont in Lelystad en besloot pas op het laatste moment om juist die dag op de Lek te gaan vissen.”
DIT NOOIT MEER
Dat ongeluk verandert alles. Verschoor zweert dat hij nooit meer de boot ingaat zonder een reddingsvest om. Niet alleen hijzelf, maar iedereen die met hem meevaart. “Daar is geen discussie over mogelijk. Je hoeft maar één fout te maken en dat kan direct je laatste zijn. En zelfs wanneer jij alles goed doet, kan iemand anders een fout maken en daardoor jou ook in de problemen brengen.” Dat het toch mis ging, is ergens wel gek. Verschoor kent de rivier als zijn broekzak en heeft meer dan dertig jaar ervaring op groot water in binnen- en buitenland. “Weet je wat het nog stommer maakte? Ik heb zes jaar bij de marine gezeten, op een onderzeeboot. Veiligheid was daar heilig. Zonder een zwemvest en een veiligheidslijn op het dek? Dat bestond niet, daar stond bij wijze van spreken de doodstraf op.”
OPNIEUW TE WATER
Drie jaar later gaat het opnieuw mis. Verschoor vaart met zijn twee jonge schoonzonen vanaf het Eiland van Maurik de rivier op. Het weer is slecht, maar volgens hem nog wel te doen. “We waren vijf minuten op weg, niets aan de hand. Maar opeens worden we verrast door enorm hoge golven – zes achter elkaar. Ik heb geen idee waar ze vandaan kwamen. Op de rivier had ik nog nooit zoiets gezien. Bij de laatste golf liep de hele boot vol met water.” Met hun reddingsvesten aan springen ze het water in en helpen elkaar naar de kant. Op de oever worden ze opgevangen door omstanders. Rijkswaterstaat bergt later de gezonken boot. “Die was total loss. Maar dat was niet eens het ergste. Het besef dat ik anderen in gevaar heb gebracht, daar heb ik nachten wakker van gelegen. Als dit anders was afgelopen… Daar wil ik niet aan denken.”
OOGKLEPPEN AFDOEN
Bij hem is het gelukkig twee keer goed afgelopen, maar Verschoor kent de statistieken: de laatste tien jaar zijn er, op 2021 na (99), in ons land ieder jaar meer dan honderd mensen verdronken (zie de tabel). Driekwart van de verdrinkingen vond plaats in open water en veel slachtoffers waren waterrecreanten, waaronder ook sportvissers. “In sommige situaties – die zich vaak onverwacht voordoen, bijvoorbeeld door stroming, golfslag, kou, materiaalpech of een combinatie van deze factoren – kun je het niet winnen van water. Ook relatief ondiep water kan al gevaarlijk zijn vanwege het gevoel van schijnveiligheid. Bovendien hebben sportvissers vaak oogkleppen op. De focus op het vissen kan gevaar opleveren omdat je niet meer (goed) let op wat erom je heen gebeurt”, waarschuwt hij. “Het gaat vaak net goed, totdat het een keer fout gaat – en dan ben je misschien te laat”, besluit Verschoor.
*Voorlopige data
Overledenen door accidentele verdrinking
CHECKLIST VEILIG VISSEN VANAF HET WATER
Draag altijd een goed passend automatisch reddingsvest en controleer regelmatig de CO₂-capsule;
Gebruik altijd de dodemansknop plus -koord en laat deze nooit los;
Controleer vóór vertrek je boot, motor en volledige uitrusting;
Check de weersverwachting en ga bij slecht of onzeker weer het water niet op;
Houd je aan de vaarregels en pas je snelheid aan op drukke vaarwegen;
Zorg dat je goed zichtbaar bent door middel van correcte verlichting, opvallende kleding, en eventueel een radarreflector;
Laat iemand weten waar je gaat vissen en wanneer je ongeveer terug bent;
Neem een opgeladen telefoon en bij voorkeur extra communicatiemiddelen mee;
Zorg dat je het water kent waar je vaart: houd rekening met de stroming, diepte, obstakels en veilige uitstapplekken;
Neem basisveiligheidsmiddelen mee, zoals een extra drijfmiddel, nooddeken en drinkwater.
Het is eind februari in 2018 wanneer Verschoor in zijn eentje met zijn boot de Lek op gaat om op snoekbaars te vissen. “De omstandigheden waren goed: stroming en troebel water”, steekt hij van wal aan zijn keukentafel. Op de eerste stek krijgt hij het vermoeden dat de transducer van zijn dieptemeter niet correct staat afgesteld. “Daarom keek ik even overboord, maar vanwege het troebele water zag ik niets. Op de tast voelde ik ook niks. Maar ik bedacht een ‘slimme’ manier waarop ik wel even kon kijken wat er loos was”, graaft de eigenaar van Krover Fishing – een groothandel voor hengelsportartikelen – in zijn geheugen.
SLECHT IDEE
Die ingeving blijkt het begin van een reeks grove fouten. Verschoor: “Het idee was om tijdens het verkassen in plané te varen. Met de juiste snelheid ‘zweeft’ de boot dan op het water en komt een deel van de zijkant boven de waterspiegel uit. Maar vanachter het stuur kon ik niet ver genoeg over de bootrand komen. Daarom verwijderde ik het dodemanskoord (dat verbonden zit aan de dodemansknop, die voorkomt dat je boot onbestuurd verder vaart wanneer je te water raakt, red.) van mijn pols. Toen ook dat niet hielp, liet ik even het stuur los”, zegt hij schuldbewust. Daarna gaat het snel – en ook helemaal mis. “De boot maakte plotsklaps een draai van 180 graden en als gevolg sloeg ik in één beweging achterover, zo het water in. Dat ging met zo’n vaart dat ik onder water nog een koprol maakte.”
DOODSANGST
Het water is ijskoud en Verschoor draagt geen reddingsvest – wel zijn vispak en laarzen. “Ik wist direct dat het foute boel was. Mijn pak zat nog vol lucht en hield me drijvende. Snel handelen was cruciaal. Aan boord klimmen kon niet, want doordat ik het dodemanskoord had verwijderd voer de boot verderop rondjes. Naar de kant zwemmen was de enige optie.” Verschoor draait zich op zijn rug en begint te zwemmen. “Maar na vijf slagen was de lucht uit mijn kleding en liep mijn pak vol water. Mijn armen en benen werden loodzwaar. Ik besefte dat ik geen meter vooruitkwam”, slikt hij een brok in zijn keel weg. “Bovendien voelde ik mezelf zwaarder worden. Ik moest alles op alles zetten om te blijven drijven.”
ERIK DE REDDER
“Mijn situatie was op z’n zachtst gezegd niet heel erg rooskleurig”, gaat Verschoor na een kleine pauze verder. Dan gebeurt er een klein wonder. “Vanuit een rivierplas kwam een visboot de Lek op varen. De bestuurder zag meteen dat het foute boel was en schoot te hulp. Hij greep me bij mijn jas, waarna ik voor mijn gevoel minutenlang – totaal uitgeput – over zijn reling hing.”
‘ZOIETS
OVERKOMT
MIJ NIET’
BIJNA VERDRONKEN…
In februari 2018 ontsnapt Gerrit Verschoor (62) ternauwernood aan de dood. De Culemborger valt uit zijn boot, maar wordt op het nippertje gered uit het koude water van de Lek. Ondanks dat deze les zijn leven verandert, belandt hij drie jaar later op dezelfde rivier opnieuw in levensgevaar. “Ik heb heel veel geluk gehad. Door mijn verhaal te delen wil ik voorkomen dat iemand anders hetzelfde overkomt – met wellicht een andere afloop.”
TEKST: MARK PIJNAPPELS > FOTOGRAFIE: SANDER BOER, REIN RIJKE & GERRIT VERSCHOOR
Verschoor wordt aan boord gehesen, zijn eigen boot is inmiddels stilgevallen in een zijkom bij het stuwcomplex van Hagestein. “Erik, mijn redder in nood, zorgde vervolgens dat we veilig aankwamen in de haven van Culemborg. Daarna ben ik in mijn natte kleren naar huis gereden. Mijn vrouw was geschrokken en – volkomen terecht – ook woest.” Twee weken later bedankt Verschoor zijn redder door hem op te zoeken. “Toen hoorde ik hoeveel geluk ik heb gehad. Erik woont in Lelystad en besloot pas op het laatste moment om juist die dag op de Lek te gaan vissen.”
DIT NOOIT MEER
Dat ongeluk verandert alles. Verschoor zweert dat hij nooit meer de boot ingaat zonder een reddingsvest om. Niet alleen hijzelf, maar iedereen die met hem meevaart. “Daar is geen discussie over mogelijk. Je hoeft maar één fout te maken en dat kan direct je laatste zijn. En zelfs wanneer jij alles goed doet, kan iemand anders een fout maken en daardoor jou ook in de problemen brengen.” Dat het toch mis ging, is ergens wel gek. Verschoor kent de rivier als zijn broekzak en heeft meer dan dertig jaar ervaring op groot water in binnen- en buitenland. “Weet je wat het nog stommer maakte? Ik heb zes jaar bij de marine gezeten, op een onderzeeboot. Veiligheid was daar heilig. Zonder een zwemvest en een veiligheidslijn op het dek? Dat bestond niet, daar stond bij wijze van spreken de doodstraf op.”
OPNIEUW TE WATER
Drie jaar later gaat het opnieuw mis. Verschoor vaart met zijn twee jonge schoonzonen vanaf het Eiland van Maurik de rivier op. Het weer is slecht, maar volgens hem nog wel te doen. “We waren vijf minuten op weg, niets aan de hand. Maar opeens worden we verrast door enorm hoge golven – zes achter elkaar. Ik heb geen idee waar ze vandaan kwamen. Op de rivier had ik nog nooit zoiets gezien. Bij de laatste golf liep de hele boot vol met water.” Met hun reddingsvesten aan springen ze het water in en helpen elkaar naar de kant. Op de oever worden ze opgevangen door omstanders. Rijkswaterstaat bergt later de gezonken boot. “Die was total loss. Maar dat was niet eens het ergste. Het besef dat ik anderen in gevaar heb gebracht, daar heb ik nachten wakker van gelegen. Als dit anders was afgelopen… Daar wil ik niet aan denken.”
OOGKLEPPEN AFDOEN
Bij hem is het gelukkig twee keer goed afgelopen, maar Verschoor kent de statistieken: de laatste tien jaar zijn er, op 2021 na (99), in ons land ieder jaar meer dan honderd mensen verdronken (zie de tabel). Driekwart van de verdrinkingen vond plaats in open water en veel slachtoffers waren waterrecreanten, waaronder ook sportvissers. “In sommige situaties – die zich vaak onverwacht voordoen, bijvoorbeeld door stroming, golfslag, kou, materiaalpech of een combinatie van deze factoren – kun je het niet winnen van water. Ook relatief ondiep water kan al gevaarlijk zijn vanwege het gevoel van schijnveiligheid. Bovendien hebben sportvissers vaak oogkleppen op. De focus op het vissen kan gevaar opleveren omdat je niet meer (goed) let op wat erom je heen gebeurt”, waarschuwt hij. “Het gaat vaak net goed, totdat het een keer fout gaat – en dan ben je misschien te laat”, besluit Verschoor.
‘Denken dat je het allemaal wel weet en onkwetsbaar bent is de grootste fout die je kunt maken’
De Lek is het ‘thuiswater’ van Gerrit Verschoor
*Voorlopige data
Overledenen door accidentele verdrinking
Draag altijd een goed passend automatisch reddingsvest en controleer regelmatig de CO₂-capsule;
Gebruik altijd de dodemansknop plus -koord en laat deze nooit los;
Controleer vóór vertrek je boot, motor en volledige uitrusting;
Check de weersverwachting en ga bij slecht of onzeker weer het water niet op;
Houd je aan de vaarregels en pas je snelheid aan op drukke vaarwegen;
Zorg dat je goed zichtbaar bent door middel van correcte verlichting, opvallende kleding, en eventueel een radarreflector;
Laat iemand weten waar je gaat vissen en wanneer je ongeveer terug bent;
Neem een opgeladen telefoon en bij voorkeur extra communicatiemiddelen mee;
Zorg dat je het water kent waar je vaart: houd rekening met de stroming, diepte, obstakels en veilige uitstapplekken;
Neem basisveiligheidsmiddelen mee, zoals een extra drijfmiddel, nooddeken en drinkwater.
CHECKLIST VEILIG VISSEN VANAF HET WATER
Het is eind februari in 2018 wanneer Verschoor in zijn eentje met zijn boot de Lek op gaat om op snoekbaars te vissen. “De omstandigheden waren goed: stroming en troebel water”, steekt hij van wal aan zijn keukentafel. Op de eerste stek krijgt hij het vermoeden dat de transducer van zijn dieptemeter niet correct staat afgesteld. “Daarom keek ik even overboord, maar vanwege het troebele water zag ik niets. Op de tast voelde ik ook niks. Maar ik bedacht een ‘slimme’ manier waarop ik wel even kon kijken wat er loos was”, graaft de eigenaar van Krover Fishing – een groothandel voor hengelsportartikelen – in zijn geheugen.
SLECHT IDEE
Die ingeving blijkt het begin van een reeks grove fouten. Verschoor: “Het idee was om tijdens het verkassen in plané te varen. Met de juiste snelheid ‘zweeft’ de boot dan op het water en komt een deel van de zijkant boven de waterspiegel uit. Maar vanachter het stuur kon ik niet ver genoeg over de bootrand komen. Daarom verwijderde ik het dodemanskoord (dat verbonden zit aan de dodemansknop, die voorkomt dat je boot onbestuurd verder vaart wanneer je te water raakt, red.) van mijn pols. Toen ook dat niet hielp, liet ik even het stuur los”, zegt hij schuldbewust. Daarna gaat het snel – en ook helemaal mis. “De boot maakte plotsklaps een draai van 180 graden en als gevolg sloeg ik in één beweging achterover, zo het water in. Dat ging met zo’n vaart dat ik onder water nog een koprol maakte.”
DOODSANGST
Het water is ijskoud en Verschoor draagt geen reddingsvest – wel zijn vispak en laarzen. “Ik wist direct dat het foute boel was. Mijn pak zat nog vol lucht en hield me drijvende. Snel handelen was cruciaal. Aan boord klimmen kon niet, want doordat ik het dodemanskoord had verwijderd voer de boot verderop rondjes. Naar de kant zwemmen was de enige optie.” Verschoor draait zich op zijn rug en begint te zwemmen. “Maar na vijf slagen was de lucht uit mijn kleding en liep mijn pak vol water. Mijn armen en benen werden loodzwaar. Ik besefte dat ik geen meter vooruitkwam”, slikt hij een brok in zijn keel weg. “Bovendien voelde ik mezelf zwaarder worden. Ik moest alles op alles zetten om te blijven drijven.”
ERIK DE REDDER
“Mijn situatie was op z’n zachtst gezegd niet heel erg rooskleurig”, gaat Verschoor na een kleine pauze verder. Dan gebeurt er een klein wonder. “Vanuit een rivierplas kwam een visboot de Lek op varen. De bestuurder zag meteen dat het foute boel was en schoot te hulp. Hij greep me bij mijn jas, waarna ik voor mijn gevoel minutenlang – totaal uitgeput – over zijn reling hing.”