

&
KARPERKENNIS
WATERWIJSHEID
TEKST: BARD BORGER > FOTOGRAFIE: SANDER BOER
Sinds hij een jong gezin heeft is nachtvissen op karper voor Jasper Korll (29) geen wekelijkse kost meer. De momenten en stekken waar(op) hij gaat vissen kiest hij dus extra zorgvuldig uit. Daarbij put hij uit zijn zicht op het regionale waterbeheer en kennis van karpermigratie. Op een zomeravond aan de Hollandsche IJssel licht de adviseur datagericht werken bij een waterschap zijn aanpak toe.


SPIEGELKARPERS TERUGMELDEN
Heb jij een spiegelkarper gevangen op open water? Meld hem dan via spiegelkarpermelden@outlook.com aan bij de Matching Community! Jasper en andere vrijwilligers gaan vervolgens aan de slag om een match te vinden met een plankfoto uit het archief. Herkennen ze ‘jouw’ vangst, dan ontvang je vervolgens interessante achtergrondinformatie zoals het uitzetjaar, de uitzetlocatie en groeicurve van de vis. Terugmeldingen leveren waardevolle inzichten op voor toekomstige uitzetprojecten, bijvoorbeeld ten aanzien van de keuze voor kwekers of het type karper. Zo kun jij met je melding helpen om het karperbeheer in Nederland te verbeteren.

Jasper met een fraaie schubkarper uit een eerdere sessie.

Rivierkreeften kunnen het haakaas behoorlijk onder handen nemen.

BAGGERFEITEN
Dan schiet Jasper plotsklaps wéér van zijn stretcher. Eerst geeft de rechterhengel een paar korte piepjes, daarna doet de middelste hetzelfde. Helaas blijft een ‘fluiter’ uit. “Mooi dat er activiteit is op de stek, maar het kunnen ook rivierkreeften zijn die aan de boilies zitten te plukken”, tempert Jasper de verwachtingen. Die exoten hebben ook geprofiteerd van de verbeterde waterkwaliteit. “De Hollandsche IJssel is nog niet zo lang geleden in drie opeenvolgende winters flink uitgebaggerd. Daarbij kwamen enorme hoeveelheden slib boven water. Dat is niet zo heel vreemd als je in ogenschouw neemt dat er qua onderhoud al zo’n veertig jaar niets aan het water was gedaan. De diepte ging op veel plekken in één klap van gemiddeld 1.70-1.80 naar 2.30 meter. Je ziet onder meer aan de helderheid dat deze ingreep het water goed heeft gedaan.”
GEEN GARANTIES
Terwijl het daglicht plaatsmaakt voor de duisternis stipt Jasper nog een bonuspunt aan van zijn werk. “Met enige regelmaat vaar ik voor het waterschap in een controleboot over rivieren en kanalen zoals de Kromme Rijn, Oude Rijn en ook de Hollandsche IJssel. Als ik dan interessant ogende stekken zie, sla ik die vaak op. Dit zodat ik er later nog eens naar terug kan keren met mijn hengels. Inmiddels heb ik een wensenlijstje dat aardig lang is.” Later die nacht komt er nog wel vis op de kant, maar dit betreft bijvangst in de vorm van drie brasems, zo meldt Jasper ons de volgende ochtend via Whatsapp. Daar voegt hij een conclusie aan toe die realisme verraadt: “Mijn karperkennis en waterwijsheid maken misschien dat ik wat slimmer kan vissen, maar dit staat natuurlijk niet altijd garant voor succes.”
MONTAGE: DEGELIJK EN BETROUWBAAR
Jasper vist meestal met een degelijke standaardmontage. Aan het einde van zijn nylon hoofdlijn komt een visveilig onderlijnsysteem, zodat een gehaakte vis bij onverhoopte lijnbreuk alleen met de onderlijn achterblijft. Voor de onderlijn gebruikt hij een zogeheten combi-Multirig waarmee hij vlot van haak (meestal van het type wide gape) en haakaas kan wisselen. Het onderlijnmateriaal is voorzien van een coating in combinatie met een anti-tangle sleeve om in de war gooien bij het inwerpen te voorkomen. Halverwege de onderlijn plaatst Jasper een gewichtje om de lijn strak tegen de bodem te houden.

DROOGTE & KARPERMIGRATIE
Rond half negen veert Jasper overeind en spurt hij naar de linkerhengel. “Vals alarm: een meerkoet die met het haakaas loopt te rommelen, denk ik”, klinkt het al snel ietwat teleurgesteld. Terug op zijn stretcher deelt hij even later de kennis en inzichten die zijn tien jaar werkervaring bij Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden (HDSR) hem hebben opgeleverd. “Als het lang niet regent – een situatie die door klimaatverandering steeds vaker voorkomt – zet het hoogheemraadschap allerlei pompen aan en sluisdeuren permanent open zodat meer zoet water uit het Rijngebied richting zee stroomt. Dit om verzilting tegen te gaan en zo de landbouw, natuur en industrie te ondersteunen. Het is vaak ook een trigger voor karpers om zich meer te gaan verplaatsen, zoals monitoring uitwijst. Meer stroming is in het algemeen vaak een impuls voor vismigratie.”
UITZETTEN & ‘MATCHEN’
Karpermigratie is een specialisme van Jasper. “Toen ik zo’n tien jaar geleden een oproep van de Algemene Utrechtse Hengelaars Vereniging (AUHV) zag voor assistentie bij een grote karperuitzetting in het Amsterdam-Rijnkanaal, meldde ik me daar direct voor aan”, steekt hij van wal. “Later hielp ik ook andere hengelsportverenigingen bij karperuitzettingen en sinds 2020 zit ik bij de karpercommissie van Sportvisserij MidWest Nederland. Die hengelsportfederatie organiseert jaarlijks enkele karperuitzetdagen. Elke vis gaat dan eerst op de foto, zodat later aan de hand van terugvangstfoto’s de groei, overleving en verspreiding te volgen is. Ik zit ook bij de Matching Community die zich daarover ontfermt (zie kader pag. 33). Dat levert steeds meer interessante inzichten op. Van de 110 karpers die hier in de Hollandsche IJssel zijn uitgezet, is bijvoorbeeld al meer dan de helft teruggevangen – een uitzonderlijk hoog percentage. Die vissen zijn nu zo’n tien kilo zwaar en ogen gezond. Daar heb ik er zelf ook een paar van gevangen; en uiteraard melding van gemaakt.”
‘de hollandsche ijssel is zeker geen gemakkelijk water, maar de pracht en de rust van dit water blijven me trekken’

Jasper positioneert de hengeltop laag zodat de lijn sneller bij de bodem is en je minder last hebt van scheepvaart. Is er veel drijfvuil aanwezig, dan steekt hij de top zo’n 30 cm onder water.

“Zie je die dode boom daar in de verte langs het water? Verspreid tussen dat punt en de overkant hier recht tegenover heb ik al drie dagen op rij ’s avonds boilies gevoerd”, vertelt Jasper terwijl hij bij wijze van groet een hand opsteekt naar twee kanoërs die voorbij varen. “Geen zorgen hoor”, voegt hij toe als de waterrecreanten de stek even later zijn gepasseerd. “In de zomermaanden kan het hier overdag druk zijn met boten, maar tegen de avond gaan de grotere bruggen dicht en blijft alleen dit soort kleine pleziervaart over. Mede daarom vind ik de Hollandsche IJssel – zeker ’s zomers – een nachtviswater bij uitstek. Ik vis hier dan ook al jarenlang met heel veel plezier, ook al vang ik gemiddeld maar één vis per twee of drie sessies. De pracht en de rust van dit water blijven me trekken.”
SNEL AAN DE SLAG
Jasper opent de achterklep van zijn auto die slechts enkele meters van het water staat en tuigt hij zijn hengels op. Tweedelige stokken van drie meter lang met een testcurve van drie pond waarop molens in het 14000 formaat (type big pit) zitten. Op de spoelen zit 43/00 nylon. De visvriendelijke montages met werpgewichten van 120 gram heeft Jasper thuis al klaargemaakt. Zelfs de boilies met vismeelsmaak – gecombineerd met een halve pop-up zodat ze meer opvallen – zitten al op de hair. Jasper steekt op de oever drie paar hengelsteunen met elektronische beetverklikkers in de grond. Twee min of meer recht naar voren gericht, één wat verderop en schuin om stijf naar links te kunnen vissen. Niet veel later liggen de lijnen in het water. De hengels staan zo afgesteld dat de topjes nét het wateroppervlak kussen.
KORTE, LOSSE NACHTJES
“Tja, er waren tijden dat ik wekelijks meerdere nachten viste”, zegt Jasper even later terwijl hij zijn tent en stretcher installeert. “Maar met twee kleine kinderen is de gezinsagenda leidend als ik een sessie wil plannen. Mijn visserij beperkt zich dan ook tot losse, korte nachtjes. Vaak ga ik pas na het eten en het avondritueel van de kinderen de deur uit en ben ik rond het ontbijt weer thuis. Ik neem alleen het hoogstnodige aan materiaal mee en kies mijn stekken op maximaal een half uur rijden van huis, zodat ik meer effectieve vistijd heb. Naast de Hollandsche IJssel vis ik soms op grotere zandwinplassen in de regio. Het Amsterdam-Rijnkanaal trekt me ook al jaren, maar daar bijt ik me nog wel een keer in vast als ik weer wat meer vrije tijd heb.”


&
KARPERKENNIS
WATERWIJSHEID

Sinds hij een jong gezin heeft is nachtvissen op karper voor Jasper Korll (29) geen wekelijkse kost meer. De momenten en stekken waar(op) hij gaat vissen kiest hij dus extra zorgvuldig uit. Daarbij put hij uit zijn zicht op het regionale waterbeheer en kennis van karpermigratie. Op een zomeravond aan de Hollandsche IJssel licht de adviseur datagericht werken bij een waterschap zijn aanpak toe.
TEKST: BARD BORGER > FOTOGRAFIE: SANDER BOER


SPIEGELKARPERS TERUGMELDEN
Heb jij een spiegelkarper gevangen op open water? Meld hem dan via spiegelkarpermelden@outlook.com aan bij de Matching Community! Jasper en andere vrijwilligers gaan vervolgens aan de slag om een match te vinden met een plankfoto uit het archief. Herkennen ze ‘jouw’ vangst, dan ontvang je vervolgens interessante achtergrondinformatie zoals het uitzetjaar, de uitzetlocatie en groeicurve van de vis. Terugmeldingen leveren waardevolle inzichten op voor toekomstige uitzetprojecten, bijvoorbeeld ten aanzien van de keuze voor kwekers of het type karper. Zo kun jij met je melding helpen om het karperbeheer in Nederland te verbeteren.
Rivierkreeften kunnen het haakaas behoorlijk onder handen nemen.


Jasper positioneert de hengeltop laag zodat de lijn sneller bij de bodem is en je minder last hebt van scheepvaart. Is er veel drijfvuil aanwezig, dan steekt hij de top zo’n 30 cm onder water.
‘de hollandsche ijssel is zeker geen gemakkelijk water, maar de pracht en de rust van dit water blijven me trekken’


Jasper met een fraaie schubkarper uit een eerdere sessie.


MONTAGE: DEGELIJK EN BETROUWBAAR
Jasper vist meestal met een degelijke standaardmontage. Aan het einde van zijn nylon hoofdlijn komt een visveilig onderlijnsysteem, zodat een gehaakte vis bij onverhoopte lijnbreuk alleen met de onderlijn achterblijft. Voor de onderlijn gebruikt hij een zogeheten combi-Multirig waarmee hij vlot van haak (meestal van het type wide gape) en haakaas kan wisselen. Het onderlijnmateriaal is voorzien van een coating in combinatie met een anti-tangle sleeve om in de war gooien bij het inwerpen te voorkomen. Halverwege de onderlijn plaatst Jasper een gewichtje om de lijn strak tegen de bodem te houden.

BAGGERFEITEN
Dan schiet Jasper plotsklaps wéér van zijn stretcher. Eerst geeft de rechterhengel een paar korte piepjes, daarna doet de middelste hetzelfde. Helaas blijft een ‘fluiter’ uit. “Mooi dat er activiteit is op de stek, maar het kunnen ook rivierkreeften zijn die aan de boilies zitten te plukken”, tempert Jasper de verwachtingen. Die exoten hebben ook geprofiteerd van de verbeterde waterkwaliteit. “De Hollandsche IJssel is nog niet zo lang geleden in drie opeenvolgende winters flink uitgebaggerd. Daarbij kwamen enorme hoeveelheden slib boven water. Dat is niet zo heel vreemd als je in ogenschouw neemt dat er qua onderhoud al zo’n veertig jaar niets aan het water was gedaan. De diepte ging op veel plekken in één klap van gemiddeld 1.70-1.80 naar 2.30 meter. Je ziet onder meer aan de helderheid dat deze ingreep het water goed heeft gedaan.”
GEEN GARANTIES
Terwijl het daglicht plaatsmaakt voor de duisternis stipt Jasper nog een bonuspunt aan van zijn werk. “Met enige regelmaat vaar ik voor het waterschap in een controleboot over rivieren en kanalen zoals de Kromme Rijn, Oude Rijn en ook de Hollandsche IJssel. Als ik dan interessant ogende stekken zie, sla ik die vaak op. Dit zodat ik er later nog eens naar terug kan keren met mijn hengels. Inmiddels heb ik een wensenlijstje dat aardig lang is.” Later die nacht komt er nog wel vis op de kant, maar dit betreft bijvangst in de vorm van drie brasems, zo meldt Jasper ons de volgende ochtend via Whatsapp. Daar voegt hij een conclusie aan toe die realisme verraadt: “Mijn karperkennis en waterwijsheid maken misschien dat ik wat slimmer kan vissen, maar dit staat natuurlijk niet altijd garant voor succes.”
DROOGTE & KARPERMIGRATIE
Rond half negen veert Jasper overeind en spurt hij naar de linkerhengel. “Vals alarm: een meerkoet die met het haakaas loopt te rommelen, denk ik”, klinkt het al snel ietwat teleurgesteld. Terug op zijn stretcher deelt hij even later de kennis en inzichten die zijn tien jaar werkervaring bij Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden (HDSR) hem hebben opgeleverd. “Als het lang niet regent – een situatie die door klimaatverandering steeds vaker voorkomt – zet het hoogheemraadschap allerlei pompen aan en sluisdeuren permanent open zodat meer zoet water uit het Rijngebied richting zee stroomt. Dit om verzilting tegen te gaan en zo de landbouw, natuur en industrie te ondersteunen. Het is vaak ook een trigger voor karpers om zich meer te gaan verplaatsen, zoals monitoring uitwijst. Meer stroming is in het algemeen vaak een impuls voor vismigratie.”
UITZETTEN & ‘MATCHEN’
Karpermigratie is een specialisme van Jasper. “Toen ik zo’n tien jaar geleden een oproep van de Algemene Utrechtse Hengelaars Vereniging (AUHV) zag voor assistentie bij een grote karperuitzetting in het Amsterdam-Rijnkanaal, meldde ik me daar direct voor aan”, steekt hij van wal. “Later hielp ik ook andere hengelsportverenigingen bij karperuitzettingen en sinds 2020 zit ik bij de karpercommissie van Sportvisserij MidWest Nederland. Die hengelsportfederatie organiseert jaarlijks enkele karperuitzetdagen. Elke vis gaat dan eerst op de foto, zodat later aan de hand van terugvangstfoto’s de groei, overleving en verspreiding te volgen is. Ik zit ook bij de Matching Community die zich daarover ontfermt (zie kader pag. 33). Dat levert steeds meer interessante inzichten op. Van de 110 karpers die hier in de Hollandsche IJssel zijn uitgezet, is bijvoorbeeld al meer dan de helft teruggevangen – een uitzonderlijk hoog percentage. Die vissen zijn nu zo’n tien kilo zwaar en ogen gezond. Daar heb ik er zelf ook een paar van gevangen; en uiteraard melding van gemaakt.”
“Zie je die dode boom daar in de verte langs het water? Verspreid tussen dat punt en de overkant hier recht tegenover heb ik al drie dagen op rij ’s avonds boilies gevoerd”, vertelt Jasper terwijl hij bij wijze van groet een hand opsteekt naar twee kanoërs die voorbij varen. “Geen zorgen hoor”, voegt hij toe als de waterrecreanten de stek even later zijn gepasseerd. “In de zomermaanden kan het hier overdag druk zijn met boten, maar tegen de avond gaan de grotere bruggen dicht en blijft alleen dit soort kleine pleziervaart over. Mede daarom vind ik de Hollandsche IJssel – zeker ’s zomers – een nachtviswater bij uitstek. Ik vis hier dan ook al jarenlang met heel veel plezier, ook al vang ik gemiddeld maar één vis per twee of drie sessies. De pracht en de rust van dit water blijven me trekken.”
SNEL AAN DE SLAG
Jasper opent de achterklep van zijn auto die slechts enkele meters van het water staat en tuigt hij zijn hengels op. Tweedelige stokken van drie meter lang met een testcurve van drie pond waarop molens in het 14000 formaat (type big pit) zitten. Op de spoelen zit 43/00 nylon. De visvriendelijke montages met werpgewichten van 120 gram heeft Jasper thuis al klaargemaakt. Zelfs de boilies met vismeelsmaak – gecombineerd met een halve pop-up zodat ze meer opvallen – zitten al op de hair. Jasper steekt op de oever drie paar hengelsteunen met elektronische beetverklikkers in de grond. Twee min of meer recht naar voren gericht, één wat verderop en schuin om stijf naar links te kunnen vissen. Niet veel later liggen de lijnen in het water. De hengels staan zo afgesteld dat de topjes nét het wateroppervlak kussen.
KORTE, LOSSE NACHTJES
“Tja, er waren tijden dat ik wekelijks meerdere nachten viste”, zegt Jasper even later terwijl hij zijn tent en stretcher installeert. “Maar met twee kleine kinderen is de gezinsagenda leidend als ik een sessie wil plannen. Mijn visserij beperkt zich dan ook tot losse, korte nachtjes. Vaak ga ik pas na het eten en het avondritueel van de kinderen de deur uit en ben ik rond het ontbijt weer thuis. Ik neem alleen het hoogstnodige aan materiaal mee en kies mijn stekken op maximaal een half uur rijden van huis, zodat ik meer effectieve vistijd heb. Naast de Hollandsche IJssel vis ik soms op grotere zandwinplassen in de regio. Het Amsterdam-Rijnkanaal trekt me ook al jaren, maar daar bijt ik me nog wel een keer in vast als ik weer wat meer vrije tijd heb.”